Wat met personeelsleden die wensen thuis te blijven om voor hun kind te zorgen omdat het kinderdagverblijf, de school … tijdelijk sluit?

18 november 2020

Sinds 1 oktober 2020 is het niet meer mogelijk om corona-ouderschapsverlof aan te vragen. Dat blijft zo. 

Het personeelslid kan voor het opvangprobleem ‘verlof wegens overmacht’ opnemen. In dat geval maakt het eerst gebruik van de bestaande regeling. Dat verlof is beperkt tot vier werkdagen per burgerlijk jaar. 

Indien dat verlof niet volstaat of voor 2020 reeds is uitgeput, dan heeft het personeelslid in de periode van 16 november 2020 tot en met 31 december 2020 recht op bijkomend verlof wegens overmacht als 

  • zijn minderjarig kind dat met hem samenwoont niet naar het kinderdagverblijf of naar school kan gaan omdat het kinderdagverblijf, de school of de klas gesloten zijn omwille van een maatregel tegen de verspreiding van het coronavirus; 
  • zijn gehandicapt kind dat ten laste is niet naar een centrum voor opvang van gehandicapte personen kan gaan omdat dit centrum gesloten is als gevolg van een maatregel tegen de verspreiding van het coronavirus. 

Het recht op bijkomend verlof wegens overmacht geldt enkel als telewerk niet mogelijk is en alleen voor de periode dat het kind niet naar het kinderdagverblijf, de school of het centrum kan gaan. 

Het personeelslid bezorgt een attest van het kinderdagverblijf, de school of het centrum aan zijn schoolbestuur. In dat attest bevestigt de betrokken instelling de periode van sluiting als gevolg van de coronamaatregel. 

Ook dit bijkomend verlof wordt gelijkgesteld met dienstactiviteit.  

De gewone verlofdagen wegens overmacht (max. 4 dagen) worden bezoldigd aan 100 %. Voor de dagen van het extra verlof wegens overmacht ontvangt het personeelslid 70 % van zijn brutosalaris op jaarbasis. 

Meer info is terug te vinden in de omzendbrief PERS/2020/05