Plenaire vergadering 23-10-2019 – Klimaatspijbelen

24 oktober 2019

Na eerst een lang en politiek toch wel meer heikel actualiteitsdebat over De Lijn en een schorsing van de plenaire vergadering voor een groepsfoto…was het wachten tot 17.10 u voor de actuele vraag van Roosmarijn Beckers: het klimaatthema op zich heeft natuurlijk ook wel een belangrijke, ook politieke relevantie, maar in Vlaanderen had het blijkbaar op 26 mei 2019 dan toch niet die vooraanstaande rol gespeeld in de stemhokjes, die in de periode voordien voor dat thema geclaimd werd. Anders zou de verkiezingsuitslag toch wel anders geweest zijn, lijkt mij. Maar goed, ik dwaal af.

Over het zgn. klimaatspijbelen zijn er toch ook wel enkele politieke verschillen. Minister Weyts (voor abonnees van De Standaard) had er recent in de media al uitspraken over gedaan en er was opgeroepen voor een  nieuwe klimaatstaking op 24 oktober. Dus actueel was de zaak zeker wel.

Vragensteller Roosmarijn Beckers wilde weten welke concrete actie de minister ging ondernemen om te verhinderen dat leerlingen zouden spijbelen om te gaan betogen.

Het antwoord van minister Weyts was duidelijk: zoals het Regeerakkoord pretendeerde, zou hij consequent willen zijn in het terugdringen van àlle vormen van spijbelen en hij verwachtte dat de schooldirecties hun verantwoordelijkheid zouden nemen. Hij had intussen ook al de richtlijn vanuit de overheid inzake “afwezigheid om persoonlijke redenen” strikter laten afpalen.

Vragensteller Beckers voegde nog een vraag toe in haar repliek: daarmee verwees ze naar praktijken in dit verband uit de vorige legislatuur (klimaatbetoging als buitenschoolse activiteit en druk van scholen op leerlingen om verplicht te gaan betogen); hoe zou de minister dat voorkomen?

Interventies van andere Parlementsleden volgden. Jo Brouns was tegen spijbelen, maar het evenzeer eens met de aanpak van toenmalig onderwijsminister Crevits vorige legislatuur, met zelfs ook een terechte verwijzing naar de Commissie zorgvuldig bestuur. Elisabeth Meuleman vond dat de minister niet moest tussenkomen bij klimaatspijbelen, want dat zouden de scholen zelf wel goed aanpakken. Soms is haar vertrouwen in scholen voor andere zaken wat minder groot, lijkt mij, maar dat terzijde. De minister moest zich maar meer bezighouden met de ernstige vormen van spijbelen. Bruno Tobback  stelde dat de minister voor burgerlijke ongehoorzaamheid m.b.t. thema’s die hem niet zouden aanstaan, even mild moest zijn als voor casussen van burgerlijke ongehoorzaamheid die hem wel genegen waren (N.B. het was een impliciete verwijzing naar de Catalaanse kwestie). Jos D’Haese zei dat het huis in brand stond en de minister bestrafte de brandweer. Hij hekelde en passant het totaal falende klimaatbeleid. Koen Daniëls ondersteunde zijn minister en partijgenoot en legde nog een verband met de taakbelasting van leraren.

De minister herhaalde daarop zijn consequente lijn voor alle vormen van spijbelen en verwees naar de nieuwe eindtermen, zowel inzake duurzaamheid als burgerschap, die interessante leermogelijkheden boden.

Het laatste woord was voor de vragensteller. Zij was het eens met de N-VA-tussenkomsten en eindigde met een oproep aan de leerlingen: “als je echt het verschil wil maken, blijf op school, ga niet spijbelen voor het klimaat, maar studeer voor (sic) dat klimaat.”

Lees de bespreking van de “Actuele vraag over het klimaatspijbelen van Roosmarijn Beckers” aan minister Ben Weyts.

Reageren kan bij wilfried.vanrompaey [at] katholiekonderwijs.vlaanderen (subject: Plenaire%20vergadering%2023-10-2019%20%E2%80%93%20Klimaatspijbelen) (Wilfried Van Rompaey)

.