Plenaire vergadering 20-05-2020 – Heropening en de meest kwetsbare leerlingen

25 mei 2020

Vóór deze twee gekoppelde actuele corona-onderwijsvragen van Koen Daniëls en Jo Brouns was het in deze plenaire vergadering ook al gegaan over belangrijke en ook met onderwijs verbonden andere, actuele vragen: in verband met corona en kwetsbare kinderen, met kinderarmoede en met de bij- en herscholing van (tijdelijke) werklozen. Daarbij waren al enkele bronnen vermeld die ook nog terugkwamen bij de laatste twee actuele vragen van de vergadering, nl. die over onderwijs. Hoewel mijn stukje zich beperkt tot de onderwijsvragen, vermeld ik alvast die bronnen graag hier expliciet. Het ging om de getuigenis van Dylan in de Karrewiet-uitzending (vanaf 5:44) van Ketnet op 18 mei 2020. Voorts werd verwezen naar het “Uit de marge”-onderzoek en een open brief van vooral pediaters. En dan was er nog de online enquête van het Kinderrechtencommissariaat.

In diverse vergaderingen waaraan ik recent beroepshalve deelnam en in nog andere artikelen die ik las, was het inderdaad net dat “kind”- of “jongere”-perspectief dat zijn plaats opeiste in het hele coronadebat. Zeker ook bleek dat na de 7-uur durende evaluatievergadering van de onderwijsactoren op 22 mei en de daaropvolgende dag in dS Weekblad in het interview met Vlaamse Jeugdraad-voorzitter Alexandra Smarandescu (voor abonnees), die overigens intussen ook lid is van het maatschappelijk relancecomité dat de Vlaamse regering in het leven geroepen heeft naast het economisch relancecomité.

Maar dan over de actuele onderwijsvragen zelf. De vraag van Koen Daniëls over de evaluatie (en eventuele bijsturing) van de heropstart sinds 15 mei leek mij wat vroeg te komen, aangezien iedereen wist dat die evaluatie pas op 22 mei gepland was. Maar natuurlijk, zoals wel vaker, stond op de dag van deze plenaire vergadering al een en ander in de krant dat vooruitblikte naar die evaluatie: de virologen (en er was ook die open brief van vooral pediaters) zagen blijkbaar voor de groep kinderen tot 12 jaar, dus lager en kleuteronderwijs, niet echt problemen om meer kinderen naar school te sturen. Vragensteller Jo Brouns zoomde in op de kwetsbare kinderen, die het meest te lijden hadden van de coronacrisis, en vroeg aan minister Weyts hoe hij de scholen zou aanmoedigen om vooral die kinderen meer te bereiken.

Minister Weyts verwees naar de niet zo makkelijke communicatie over wel of net niet openen van de scholen (door de aard zelf van het coronabeestje leek mij die communicatiekwestie dé rode draad in de coronageschiedenis van de afgelopen weken, niet makkelijk dus, inderdaad; per slot van rekening is er nog wel wat dat (nog) niet geweten is over het virus). Maar het accent van de minister lag toch op zijn tevredenheid over de resultaten na die eerste paar dagen na de heropstart. Hij wilde vanuit een realistisch perspectief voortgaan op die weg om zo veel mogelijk kinderen, ook de meest kwetsbare, te bereiken. Echt nieuw was dat dus niet. Die hele aanpak kreeg ook een vervolg in de evaluatievergadering van twee dagen later, waarnaar ik in de inleiding al verwees.

Vragensteller Daniëls sprak zijn dank uit aan alle betrokkenen en vroeg nog naar meer gedetailleerde cijfers over de afwezige leerlingen in deze fase. Vragensteller Brouns vroeg vooral aandacht voor de samenwerking tussen de verschillende sectoren – de CLB’s, de klassenraden, het hele schoolteam – als hét agendapunt bij uitstek op de evaluatievergadering van twee dagen later.

De interventies voegden eigenlijk ook niet veel nieuws toe: Jos D’Haese wees in het laptopverhaal nog op het verschil tussen de 19.000 aanvragen en de intussen 12.500 geleverde laptops; Chris Janssens vroeg naar de strategie bij besmetting; Hannelore Goeman ten slotte had vooral oog voor de kinderen in allerlei penibele situaties en herhaalde haar voorstel om niet met volledige leerjaren te werken bij de voortgaande heropening van de scholen, maar om scholen zich explicieter te laten richten op de kinderen die er het meest nood aan hadden om naar school te komen. Alle drie hadden ook, niet onverwacht, woorden van dank voor de grote inspanningen van de scholen.

In ieder geval was er in het zgn. draaiboek voor de scholen en CLB’s ook een gedetailleerd stappenplan voor het CLB in geval van een besmetting op school, aldus de minister. Hij legde uit waarom hij voor het gewoon onderwijs niet het voorstel van interveniënt Goeman volgde. Wat de meest kwetsbare kinderen betrof, herhaalde hij zijn standpunt en zijn doel met de geplande evaluatievergadering was duidelijk om méér leerjaren te laten heropstarten. Ten slotte verwees hij naar het zomerschoolproject, waarbij hij, toch wel opvallend, aan de onderwijskoepels gevraagd had om samen een model op te maken zodat het voor de scholen, die momenteel wel andere katten te geselen hadden, wat makkelijker zou worden om in zo’n zomerschoolproject te stappen.

Vragensteller Daniëls besloot met het feit dat leerlingen en leraren elkaar heel hard misten en wees op het grote belang van (contact)onderwijs. Vragensteller Brouns herhaalde ten slotte zijn oproep om meer kinderen naar school te laten gaan, vooral ook met het oog op de meest kwetsbare.

Lees de bespreking van de “Actuele vraag over de evaluatie van de geleidelijke heropening van de scholen van Koen Daniëls en over de terugkeer van de meest kwetsbare leerlingen naar de schoolbanken van Jo Brouns” aan minister Ben Weyts.

Reageren kan bij wilfried.vanrompaey [at] katholiekonderwijs.vlaanderen (subject: Plenaire%20vergadering%2020-05-2020%20%E2%80%93%20Heropening%20en%20de%20meest%20kwetsbare%20leerlingen) (Wilfried Van Rompaey)

.