Plenaire vergadering 19-02-2020 – Asbest in scholen

20 februari 2020

Anders dan ik vooraf gedacht had, werd slechts één actuele onderwijsvraag gesteld. Vragensteller was Arnout Coel. Toegegeven, ik laat even de actuele vraag aan minister Wouter Beke over pesten buiten beschouwing, maar die ging dan ook niet specifiek over onderwijs. Geen vragen dus over andere actuele onderwijskwesties, maar misschien hadden de parlementsleden al ingezien dat ze die andere zaken beter elders konden aankaarten in het Vlaams Parlement of net niet aan de onderwijsminister vragen.

Bovendien was er grotendeels een kamerbrede politieke consensus over de materie van de vraag die wél gesteld werd, zij het dan dat er bij enkele interveniënten vragen c.q. twijfels waren over de hoogte van het budget ter zake, met name 7,5 miljoen euro. Dus geen (politieke) commotie, geen animositeit.

Dat was wel even anders bij de voorafgaande actuele vraag van Jos D’Haese over de dienstwagens van de Vlaamse regering aan minister Jan Jambon (beantwoord door minister Ben Weyts). Oók, maar dan nóg enigszins anders bij de actuele vraag (later in het gesprek) van Jean-Jacques De Gucht aan minister Wouter Beke over de palliatieve filter in ziekenhuizen bij mensen die om euthanasie verzoeken, maar dat terzijde.

Vragensteller Coel baseerde zich op recente informatie over de asbestsituatie in het onderwijs (voor abonnees) en meer specifiek ook op een mediabericht over de Brusselse situatie ter zake. Nog niet alle scholen hadden al actie ondernomen. Hoe zou minister Weyts àlle scholen in dezen meetrekken?

Hij legde het systeem uit en wat de resultaten tot nog toe waren (asbestinventaris en asbestverwijdering). Het ging daarbij om een langetermijnstappenplan én een aparte procedure voor acute gevallen. Na de bijkomende vraag over Brussel van vragensteller Coel wees minister Weyts op de bevoegdheidsverdeling ter zake. Interveniënt Hannelore Goeman had toen al gemeld dat haar partij een analoge vraag ingediend had voor bevoegd minister Maron in het Brussels Parlement.

Kortom, bij alle interveniënten (Elisabeth Meuleman, Hannelore Goeman, Jo Brouns en Gwenny De Vroe) was ongeveer hetzelfde te horen: het probleem was belangrijk, het werd al een stuk aangepakt, maar vergde ook nog werk. En zo besloot ook vragensteller Coel, na weer een woelige week (N.B. De alliteratie kwam inderdaad van hem.) in de Belgische politiek, dat men in het Vlaams Parlement het er alvast over eens was dat er geen plaats meer was voor asbest in scholen in de 21ste eeuw. Het tegendeel zou inderdaad pas verbaasd hebben.

Lees de bespreking van de “Actuele vraag over de screening van asbest in scholen van Arnout Coel” aan minister Ben Weyts.

Reageren kan bij wilfried.vanrompaey [at] katholiekonderwijs.vlaanderen (subject: Plenaire%20vergadering%2019-02-2020%20%E2%80%93%20Asbest%20in%20scholen) (Wilfried Van Rompaey).