Katholiek Onderwijs Vlaanderen vraagt meer middelen voor M-decreet

18 januari 2018

Het departement Onderwijs bevroeg de ondersteuningsnetwerken en de scholen voor buitengewoon onderwijs van de kleine types (2, 4, 6 en 7) over hun ervaringen bij de opstart van de ondersteuningsnetwerken. Katholiek Onderwijs Vlaanderen las net als de andere onderwijskoepels, het GO! en de vakbonden dat rapport mee. De vragenlijsten die onze ondersteuningsnetwerken invulden, waren daarbij de toetssteen. Het rapport, bedoeld voor de Vlaamse regering, lekte gisteren uit. Katholiek Onderwijs Vlaanderen wil de polariserende berichtgeving nuanceren, maar blijft tegelijk pleiten voor meer middelen om het M-decreet te implementeren.

De respondenten werd gevraagd naar hun ervaringen bij de opstartfase (i.e. de eerste zes weken) van de ondersteuningsnetwerken. Die opstartfase verliep zeker niet vlekkeloos, maar intussen zijn de ondersteuningsnetwerken stilaan op kruissnelheid. De realiteit vandaag beantwoordt dus niet aan de bevindingen over de eerste zes weken. En dat vooral dankzij de enorme inzet van directies, schoolteams en ondersteuners.

Het grootste pijnpunt voor de verdere implementatie van het M-decreet is het gebrek aan middelen. Maar dat was al jaren geleden voorspeld. En neen: er blijven geen middelen kleven aan de tussenstructuren. Katholiek Onderwijs Vlaanderen herhaalt haar oproep naar bijkomende middelen, zodat leerlingen met bijzondere noden nu en in de toekomst op een degelijke manier ondersteund kunnen worden.

Gelijke onderwijskansen garanderen en brede zorg organiseren voor iedere leerling in een zo inclusief mogelijk onderwijs zijn onlosmakelijk verbonden met het pedagogisch project van de katholieke dialoogschool. Daarom organiseert Katholiek Onderwijs Vlaanderen eigen ondersteuningsnetwerken, gebruikmakend van de uitgebreide expertise die scholen voor buitengewoon en gewoon onderwijs opbouwden. Tegelijk staat Katholiek Onderwijs Vlaanderen maximaal open voor samenwerking en expertisedeling met scholen van andere netten.

Lieven Boeve, directeur-generaal Katholiek Onderwijs Vlaanderen, besluit: “De opstart van de ondersteuningsnetwerken verliep zeker niet optimaal, maar dankzij de enorme inzet van alle betrokkenen konden vele leerlingen al snel over bijkomende ondersteuning beschikken. Het blijft een probleem dat bij de goedkeuring van het M-decreet geen volwaardig financieringsplan voorzien is. Dat structurele middelentekort blijft de concrete werking van onze ondersteuningsnetwerken bemoeilijken. Inclusiever onderwijs realiseer je niet in een budget-neutrale context.”