Commissie Onderwijs 20-04-2017 – Capaciteitstekort en nieuw inschrijvingssysteem in Brussel

26 april 2017

Een moeilijker probleem dan het gezondheidsbeleid voordien in deze commissievergadering waren deze Brusselse vragen van plaatsvervangend onderwijscommissaris Elke Van den Brandt. 
Op basis van de cijfers in de capaciteitsmonitor van minister Crevits, die de vragensteller een goede zaak vond, stelde zij in Brussel tegen 2020-2021 een tekort van meer dan 2.700 plaatsen vast in de secundaire scholen. Tegen 2025-2026, meer dan 4.000 plaatsen te kort. Ze wees vervolgens, als gevolg van die capaciteitstekorten, op mogelijke leerlingenstromen naar Franstalig onderwijs en naar Nederlandstalig onderwijs in de Vlaamse Rand, waar er ook een capaciteitstekort bestaat. Er moest in Brussel niet alleen capaciteitsuitbreiding komen, het studieaanbod moest ook meer divers worden (lees: meer technische en beroepsopleidingen). Het laatste probleem was het nieuwe loterijsysteem voor aanmelding en inschrijving. Welke ondersteuning ging de minister bieden om dat zo goed mogelijk te laten verlopen en hoe kwam de nodige extra capaciteit er, incl. een voldoende divers studieaanbod?

Minister Crevits ging uitvoerig in op de werkwijze met de capaciteitsmonitor, zowel wat de vraag- als de aanbodzijde betrof, en benadrukte tot driemaal toe het innovatieve van die aanpak. Daarnaast was er in opdracht van het Brussels Planningsbureau ook een onderzoek bezig naar het plaatstekort in het secundair onderwijs in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Dat zou worden opgeleverd in juni 2017. Voorts vermeldde de minister de beslissing van de Vlaamse regering op 19 februari 2016 om de verdeling van de beschikbare capaciteitsmiddelen ineens voor drie jaar te doen. Inzake de aard van het Brusselse studieaanbod wees ze op de 
bevoegdheid van de onderwijsverstrekkers zelf en was haar conclusie niet rooskleurig. Ze zag wel een kans in de modernisering van het secundair onderwijs en wees op het belang van goede studiekeuzebegeleiding en van duaal leren. Ten slotte ging ze in op het Brusselse aanmeldingssysteem, incl. het criterium van de schoolkeuze, en op de ondersteuning door het LOP.

In haar repliek bracht vragensteller Van den Brandt vooral heel wat herhaling. Er moest nu echt wel gebouwd worden en ze wilde dat de minister daarin meer stuurde dan die nu al deed.
Eerst kwamen nog twee interveniënten aan het woord. Jo De Ro met een vraag naar de eventuele monitoring van de capaciteit door de onderwijsminister van de Franse Gemeenschap en met een heel realistische kijk op het bouwen van een secundaire school in Brussel. Kris Van Dijck ging op dat laatste door: hij pleitte ervoor om het overleg met de Franse Gemeenschap te behouden en de gemeenten van het gewest aan te spreken over het feit dat er ruimte moest worden vrijgemaakt opdat er scholen konden worden gebouwd.  
Met de daaropvolgende repliek van de minister werd duidelijk dat finaal vragensteller Van den Brandt, interveniënt Van Dijck en de minister eigenlijk ongeveer hetzelfde zegden, wat betreft juridische bevoegdheid enerzijds en stimulerende rol anderzijds. Het ging om een gezamenlijke verantwoordelijkheid.

In haar slotwoord werd vragensteller Van den Brandt dan weer wel iets scherper door te betwijfelen of de door de minister ter beschikking gestelde middelen wel voldoende waren (ruimte om te bouwen zou er volgens haar genoeg zijn, gelet op de kadasteroefening vorige legislatuur met haar partij erbij) en ze zou de minister blijven vragen om ervoor te zorgen dat het initiatief gestimuleerd werd.
Lees de bespreking van de “Vraag om uitleg over het capaciteitstekort en het nieuwe inschrijvingssysteem voor de Brusselse secundaire scholen van Elke Van den Brandt” aan Minister Hilde Crevits.

Reageren op dit commentaar kan bij wilfried.vanrompaey [at] katholiekonderwijs.vlaanderen (subject: Commissie%20Onderwijs%2020-04-2017%20%E2%80%93%20Capaciteitstekort%20en%20nieuw%20inschrijvingssysteem%20in%20Brussel) (Wilfried Van Rompaey)

.