Commissie Onderwijs 09-01-2020 – Noodkreet van docenten Frans

14 januari 2020

Van het M-decreet en Begeleidingsdecreet ging de vergadering over naar de problematiek rond een specifiek taalvak, Frans met name, en wel naar aanleiding van een open brief van een aantal docenten Frans uit hogescholen en universiteiten. Ik vond alleen enkele artikelen  over die open brief, niet die open brief zelf, maar dat kan aan mij liggen. Koen Daniëls kaartte deze zaak aan en verbond dit meteen met de povere resultaten op de peilingstoets Frans in het lager onderwijs (2017, gepresenteerd in 2018), waarover ik destijds uitvoerig schreef op deze pagina’s. Ook nog een weinig positief geluid over de situatie in het secundair onderwijs en al of niet vermeende problemen met de nieuwe (ambitieuzere) eindtermen Frans in de eerste graad van het secundair onderwijs naast onrust over de toekomstige eindtermen van de tweede en derde graad. “De koepels” bleken eens te meer de kop van Jut te zijn. Wat dacht minister Weyts van een en ander?

Hij legde de huidige decretale situatie uit met betrekking tot eindtermen en minimale aantallen lesuren voor het geheel van de zgn. basisvorming in de eerste graad secundair onderwijs. Daarnaast was er de autonomie van de schoolbesturen voor lessentabellen waarbij niet alleen eindtermen worden ingedeeld in vakken maar aan die vakken ook wekelijkse lesuren worden gekoppeld. En hij voegde ook correct de precieze relatie toe tussen de keuze voor een bepaalde lessentabel door een schoolbestuur en de modellen van lessentabellen die de “koepel” van dat schoolbestuur zou voorstellen. En de rol daarbij van de onderwijsinspectie. Met de eindtermen tweede en derde graad en de specifieke eindtermen plande de minister te landen in de paasvakantie. Hij zei er wel niet bij van welk jaar, maar bedoelde wellicht wel 2020. Over die open brief deed hij dus in eerste instantie geen uitspraken.

Vragensteller Daniëls moest dus opnieuw aan de bak om zijn punt te maken vanuit de vermelde open brief, maar erkende ook zelf dat de daarin gevraagde vier uur behoorlijk ruim was. Naadloos legde hij de link naar een al veel ouder N-VA-accent over vakleraren in het basisonderwijs, bv. dus voor Frans, wat decretaal inderdaad kan. Daniëls’ derde punt was misschien nog pertinenter: het betrof de relatie tussen de eindtermen en de specifieke eindtermen voor opleidingen met een component moderne talen. Inderdaad, dat is geen afstemmingswerkje dat iemand snel snel uit zijn mouw schudt.

Interveniënt Loes Vandromme verdedigde expliciet de bestaande autonomie van de scholen inzake lessentabellen, zoals de minister in feite. Interveniënt Jan Laeremans betreurde meer algemeen dat er minder aandacht was voor talen, ook Duits, ten voordele van STEM. Hij deelde eigenlijk de noodzaak van een signaal ter zake aan de koepels, waarover vragensteller Daniëls het aanvankelijk al had.

Kort volgde nog enige herhaling van de minister en de vragensteller, maar die laatste had ook nog een kleine uitsmijter in petto: een “examen” voor een vak versus “slechts permanente evaluatie” voor een vak en de impliciete boodschap aan leerlingen die van zo’n praktijk zou uitgaan…een heel boeiend onderwijsthema want heel wat over te zeggen, zeker… maar het zou te ver leiden om er hierop in te gaan. Misschien voorlopig toch alvast dit: ik kan alleen maar hopen dat de primauteit van de politiek niet zo ver zal gaan om ook nog eens zulke zaken te willen gaan regelen…  

Lees de bespreking van de “Vraag om uitleg over de noodkreet van docenten Frans van Koen Daniëls” aan minister Ben Weyts.

Reageren op dit commentaar kan bij wilfried.vanrompaey [at] katholiekonderwijs.vlaanderen (subject: Commissie%20Onderwijs%2009-01-2020%20%E2%80%93%20Noodkreet%20van%20docenten%20Frans) (Wilfried Van Rompaey).