Commissie Onderwijs 09-01-2020 – Levensbeschouwelijke neutraliteit in officieel onderwijs

15 januari 2020

Van een compleet andere orde dan de voorgaande vragen om uitleg was deze vraag om uitleg van Roosmarijn Beckers: het was wel een typisch thema voor haar fractie, en betrof zelfs een punt uit het Regeerakkoord dat ook expliciet in het verkiezingsprogramma van haar partij gestaan had. Concreet: het Hof van Beroep in Antwerpen had onlangs in de zaak in beroep van enkele Maasmechelse scholen van het GO! rond een hoofddoekenverbod anders geoordeeld dan de rechtbank in eerste aanleg in Tongeren. Juridisch overigens geen simpele materie. Het bedoelde hoofddoekenverbod was volgens het Hof wél mogelijk. Maar dat vond vragensteller Beckers niet voldoende, zoals zij ook had menen te lezen in het Regeerakkoord. Een decreetswijziging om de bedoelde levensbeschouwelijke neutraliteit te waarborgen vond zij cruciaal want nu was er sprake van rechtsonzekerheid in deze materie. Hoe ging minister Weyts optreden?

Hij was blij met het Antwerpse arrest en schetste twee andere, nog hangende, verwante zaken: de ene had betrekking op een soortgelijk beroep in Brussel inzake een Leuvense school, het andere betrof een ook hangende prejudiciële vraag aan het Grondwettelijk Hof in een zaak van neutraliteit en godsdienstvrijheid voor studenten in het hoger onderwijs in de Franse Gemeenschap.

De minister zei decretaal nu geen initiatief te gaan nemen: het arrest was net wat hij wilde en bovendien bleek de aanpak om de GO!-richtlijn rond neutraliteit in te schrijven in het schoolreglement van elke individuele GO!-school haast overal uitgevoerd te zijn. Een decretaal initiatief zou trouwens een hoogst onzeker pad betekenen, aldus nog de minister.

Vragensteller Beckers herhaalde haar punten uit haar inleiding en haalde er zelfs een Twitterbericht van Weyts’ partijgenoot Theo Francken bij over een verwante aangelegenheid in Oostenrijk. Quid met het provinciaal onderwijs, zo voegde ze nog toe.

En toen kwam…interveniënt Jean-Jacques De Gucht weer. Hij begon met te zeggen dat hij vragensteller Beckers slechts tot op een zekere hoogte kon volgen, waarna hij zonder enig probleem...exact hetzelfde verhaal vertelde als Beckers over de noodzaak van een decreet. Tja... En passant maakte hij van de gelegenheid nog gebruik om zijn algemene stelling over onderwijs dat met belastinggeld betaald wordt, voor alle aanwezigen te verduidelijken, zoals hij ook al vorige legislatuur gedaan had. Ik citeer, want het is te boeiend om dat niet te doen: “Ik vind überhaupt – maar dat gaat nog veel verder – dat er evenmin vanuit een overtuiging aan onderwijsverstrekking mag worden gedaan. Maar daarvoor is de tijd wellicht nog niet rijp.” Het is een dermate “progressief” idee dat de gewone mensen deze liberale “voorhoede” niet kunnen volgen…uiteraard niet. Maar ik ben toch eens benieuwd naar de uitleg van De Gucht over hoe dat dan precies wel gaat: aan onderwijsverstrekking doen, niet vanuit een overtuiging?

Interveniënt Kathleen Krekels prees de boodschap van vrijheid voor de individuele school, die uit het arrest bleek. Interveniënt Koen Daniëls ging nog wat dieper juridisch op het arrest door: het concept “neutraliteit” is niet star, maar kan rekening houden met maatschappelijke evoluties. En dat spoorde perfect met hoe het Hof van Beroep gekeken had naar twee cruciale artikelen uit het Europees Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM): 9.1 over de absolute godsdienstvrijheid en 9.2 over toch mogelijke beperkingen aan het eerste. Hij hoopte dat ook het Grondwettelijk Hof (in die nog hangende prejudiciële vraag) op dezelfde manier zou blijven oordelen.

Interveniënt Sihame El Kaouakibi was het daarmee niet eens, maar ze wilde eigenlijk nog een ander punt maken: een klemtoon op inclusieve neutraliteit i.p.v. slechts neutraliteit m.b.t. uiterlijke kentekens. Voor zover ik het begreep, bedoelde ze met het eerste allerlei gedrag, opvattingen, boodschappen van leraren aan leerlingen. Ik kan me vergissen, maar meende te begrijpen dat ze een neutraliteit wilde in wat leraren aan leerlingen zeggen. Waarom ze dat “inclusief” noemde, begreep ik niet zo goed. Ik weet ook niet of ze dat bedoelde alleen voor officieel onderwijs of voor onderwijs tout court. Voor mij bleef het nogal vaag, maar ik vind het zeker interessant om precies te weten wat El Kaouakibi bedoelde. Haar punt vergde een maatschappelijk debat in deze commissie en ze zou daarvoor nog voorstellen doen.

Minister Weyts ging nog kort in op de pendant van dit verhaal voor het provinciaal onderwijs: door de andere inrichtende machten was dat wat anders, maar finaal bleek de weg van het GO! voor de minister ook daar mogelijk te zijn, dus wellicht ook zonder decreet.

Ineens was vragensteller Beckers toch blij met het arrest, maar in één adem herhaalde ze nogmaals haar bezwaren, met als toemaatje nog het verhaal van de gesluierde kleuters op weg naar school.

Lees de bespreking van de “Vraag om uitleg over levensbeschouwelijke neutraliteit in het onderwijs van Roosmarijn Beckers” aan minister Ben Weyts.

Reageren op dit commentaar kan bij wilfried.vanrompaey [at] katholiekonderwijs.vlaanderen (subject: Commissie%20Onderwijs%2009-01-2020%20%E2%80%93%20Levensbeschouwelijke%20neutraliteit%20in%20officieel%20onderwijs) (Wilfried Van Rompaey).